Stopwoordjes

Veel gebruikte stopwoordjes zijn: ‘zeg maar’, ‘weet je wel’, ‘nou’, ‘inderdaad’, ‘eigenlijk’, of ‘uh’.

‘Er is een tijd geweest dat ik het woordje “eigenlijk” in zo’n beetje iedere zin gebruikte. Ook als dat totaal geen functie had. Hoe het precies gebeurde, weet ik niet. Ik denk dat het een opvulsel was, een soort aanloopje naar een nieuw woord. Ik heb er echt mijn best voor moeten doen om dat mezelf af te leren.’

Alexander

Gebrekkige articulatie

Een slechte articulatie en binnensmonds spreken (mompelen) is bij broddelen een vaak gezien symptoom.

‘Mensen hebben vaak moeite om mij goed te verstaan. Mijn spraak klinkt behoorlijk ongearticuleerd, en ook monotoon. Ik moet mijn best doen om goed gearticuleerd te spreken, dat zal altijd een aandachtspunt voor mij bijven.’

Jasper

Breedsprakigheid 

Broddelende sprekers kunnen soms lang aan het woord zijn. Soms zelfs zo lang dat ze daar een beetje in door kunnen slaan en anderen daarmee onbedoeld overladen met informatie. 

‘Mijn vriend heeft er af en toe een handje van om heel lang te blijven praten. Ik zeg weleens gekscherend dat je bij hem de “aan-knop” kan indrukken en dat-ie dan de hele tijd door ratelt. Op een gegeven moment is het wel echt genoeg geweest. Dat zeg ik dan ook tegen hem.’

Margot

Woordvindings-moeilijkheden

Veel broddelende sprekers hebben regelmatig moeite om op de juiste woorden te komen. De selectie van woorden uit het ‘archief’ van hun hersenen loopt niet automatisch, zoals dat wél bij reguliere sprekers het geval is. Broddelende sprekers hebben dan ook net wat meer tijd voor deze handeling nodig. Zeker als ze nog niet goed in een onderwerp thuis zijn.